Hiv, hepatitis B en C geïnfecteerde risicovormende gezondheidswerkers
Nieuwe SHEA-richtlijn
Chirurgen kunnen, als ze zelf besmet zijn met het hiv, hepatitis-B of C virus hun patiënten daarmee infecteren. Denk hierbij aan de casus van de met hepatitis B geïnfecteerde chirurg (1999). De commissie preventie iatrogene transmissie heeft onder andere naar aanleiding van deze cases een landelijke richtlijn preventie iatrogene hepatitis B geschreven. Dit jaar (2011) verscheen ook een leidraad hiv die beschrijft hoe om te gaan met hiv geïnfecteerde risicovormende gezondheidswerkers.
SHEA richtlijn
Ook The Society for Healthcare Epidemiology of America (SHEA) bracht dit jaar hierover een richtlijn uit; de Guideline for management of Healthcare Workers who are infected with Hepatitis B virus, Hepatitis C , end/of Human immunodeficiency Virus. Ook zij doen met deze richtlijn aanbevelingen hoe om te gaan met gezondheidwerkers die zelf met hepatitis B (HBV), C (HCV) en hiv geïnfecteerde zijn en zo voor patienten een risico vormen. De SHEA includeerde een uitgebreide ethische en juridische paragraaf. Hoewel deze paragraaf betrekking heeft op de Amerikaanse wetgeving, is de uiteenzetting ook interessant voor de Nederlandse context.
geldig voor HBV, HCV en HIV
Het uitgangspunt is dat de geïnfecteerde gezondheidswerker gewoon zijn werk kan doen, behalve bepaalde medisch ingrepen waarbij er sprake is van een hoog risico op transmissie van de gezondheidswerker naar de patiënt. In de richtlijn worden deze hoog risico handelingen 'categorie III handelingen' genoemd. Maar als de risicovormende gezondheidswerker een aantoonbare lage hoeveelheid virus in zijn bloed heeft (een lage viral load), dan mag hij toch ook categorie III handelingen uitvoeren. Wel zal de desbetreffende gezondheidswerker twee keer per jaar de uitslagen van een viral load test moeten overleggen aan een onafhankelijke commissie.
Dit is dezelfde procedure die nu geldt in Nederland voor risicovormende gezondheidswerkers die drager zijn van het hepatitis B virus (zie de landelijke richtlijn). Het unieke van de SHEA richtlijn bestaat eruit dat ze dezelfde systematiek ook adviseren voor dragers van het HCV en HIV.
Schematisch ziet het er als volgt uit:
|
Hoeveelheid virus@ |
Categorieën handelingen # |
Aanbevelingen |
Periodiek testen |
|
HBV |
|
|
|
|
< 104 kopieën/ml |
I, II en III |
Geen beperkingen $ |
2 x per jaar |
|
≥ 104 kopieën/ml |
I en II |
Geen beperkingen $ |
n.v.t. |
|
≥ 104 kopieën/ml |
III |
Beperkt* |
n.v.t. |
|
HCV |
|
|
|
|
< 104 kopieën/ml |
I, II en III |
Geen beperkingen $ |
2 x per jaar |
|
≥ 104 kopieën/ml |
I en II |
Geen beperkingen $ |
n.v.t. |
|
≥ 104 kopieën/ml |
III |
Beperkt* |
n.v.t. |
|
HIV |
|
|
|
|
< 5 x 102 kopieën/ml |
I, II en III |
Geen beperkingen $ |
2 x per jaar |
|
≥ 5 x 102 kopieën/ml |
I en II |
Geen beperkingen $ |
n.v.t. |
|
≥ 5 x 102 kopieën/ml |
III |
Beperkt* |
n.v.t. |
@: in Nederland kunnen t.z.t. andere cut-off gehanteerd worden.
# I: bijvoorbeeld, niet invasieve medische handelingen, lichamelijk onderzoek; II: bijvoorbeeld, bronchoscopie, scopieen,
percutane ingrepen, chirurgische ingrepen met goed zicht; III: bijvoorbeeld, buik, trauma, thorax operaties.
$ indien een viral load onder de cut-off, geen beperkingen in de uitoefening van de functie
* indien er sprake is van een viral load boven de cut-off mag de gezondheidswerker geen categorie III handelingen
verrichten. Indien hij start met bijvoorbeeld antivirale behandeling en de viral load zakt onder de cut-off, dan mag
de gezondheidswerker weer categorie III handelingen verrichten
Samengevat
Uitgangspunt is dat HBV, HCV en HIV geinfecteerde risicovormers in principe de volle omvang van de geneeskunde mogen uitoefenen, mits ze kunnen aantonen dat de kans op iatrogene transmissie minimaal is. Het is immers ook een afweging tussen de belangen van de zorgwerker zelf en die van de patiënt. Gelukkig zijn de moderne antivirale behandelingen zodanig effectief dat het leeuwendeel van deze risicovormers gewoon hun werk kan blijven doen.
