Ziekteverloop

Naar schatting verloopt ongeveer een derde (1) tot de helft (2;3) van de bofinfecties asymptomatisch. Bij kinderen jonger dan 2 jaar is dat zelfs meer dan de helft. De ziekte begint met koorts en wordt begeleid door andere prodromale symptomen, zoals spierpijn, hoofdpijn en malaise. In veel gevallen is slechts sprake van een bovenste luchtweginfectie. Een van de kenmerkende symptomen van bof is de ontsteking van de speekselklieren (parotitis).

Meestal verloopt de parotitis eenzijdig en de zwelling van het omliggende weefsel kan het oorlelletje doen oplichten. Bij een gelijktijdige infectie met de andere speekselkieren in de mondbodem kan een forse confluerende zwelling ontstaan. De vergrote speekselklier veroorzaakt pijn, vooral bij het openen van de mond. Ook oorpijn is een frequent voorkomend verschijnsel. De zwelling van de parotis is maximaal na 2 à 3 dagen, en is binnen een week weer verdwenen, evenals de overige symptomen.

Als complicatie van bof kunnen aseptische meningitis, encefalitis, epididymo-orchitis, oöforitis, gehoorverlies, pancreatitis, thyroïditis, artritis, mastitis, glomerulonefritis, trombocytopenie, cerebellaire ataxie en myocarditis voorkomen. Aseptische meningitis, de meest voorkomende complicatie op de kinderleeftijd (1 tot 10%), treedt vooral op tussen de leeftijd van 3 en 7 jaar en heeft een gunstige prognose. Bij een klein percentage gaat het klinisch beeld gepaard met een encefalitis (0,02% tot 0.3% van alle bofgevallen). Deze kan ernstig verlopen, maar heeft slechts zelden een fatale afloop (1,4%) (1;3).

Epididymo-orchitis (ontsteking van de epididymis en de testis) komt voornamelijk voor na de puberteit. Bij 15-30% van de mannen met een postpuberale infectie doet zich een, meestal eenzijdige, orchitis voor. Van de orchitisgroep ontwikkelt 15-30% een dubbelzijdige infectie. Hoewel goede systematische studies ontbreken worden er in ongeveer 25% van de orchitis-gevallen afwijkingen waargenomen, zoals kleinere testikelafmetingen en afwijkingen in de spermatogenese (3). Steriliteit en (sub)fertiliteit, als gevolg van de infectie, lijkt een zeldzame complicatie maar is nog niet goed in kaart gebracht (4).

Oöphoritis (ontsteking van de eierstokken) komt voor bij ongeveer 5% van de postpuberale vrouwen met klinische bof. Dit veroorzaakt buikpijn. Deze complicatie beïnvloedt de fertiliteit zeer zelden. 

Andere beschreven complicaties zijn: meningitis (1-10%), encefalitis (0-1%), unilaterale doofheid (1-5% van de encefalitis gevallen), spontane abortus (bij een acute infectie gedurende het eerste trimester van de zwangerschap. Er is een studie die een percentage van 27% noemt. Dit hoge percentage is overigens niet bevestigd in andere studies!) en overlijden (1,5% van de encefalitis gevallen) (1).

In de differentiaaldiagnose van een (solitaire) parotitis moet gedacht worden aan andere oorzaken: zowel infectieus (para-influenzavirus, influenza A, coxsackie A-virus, echovirus, hiv et cetera) als niet-infectieus (medicamenten, maligniteiten, immunologische ziekten en obstructie van de speekselbuis).